Over complexiteit

De theorie van complex-dynamische systemen is al een aantal decennia aanwezig in de sociale wetenschappen. Toch zie je dit onderwerp maar mondjesmaat terug in de opleidingen voor pedagogische professionals. Dat is jammer, want kennis over complex-dynamische systemen geeft je een andere blik op de gezinnen waar je mee werkt, en daarmee vaak ook extra handelingsmogelijkheden. Op deze pagina vind je links naar verschillende bronnen over Complex Dynamische Systemen.

Weet je niet waar je moet starten? Kies dan voor 

De theorie van complex-dynamische systemen is al een aantal decennia aanwezig in de sociale wetenschappen. Toch zie je dit onderwerp maar mondjesmaat terug in de opleidingen voor pedagogische professionals. Dat is jammer, want kennis over complex-dynamische systemen geeft je een andere blik op de gezinnen waar je mee werkt, en daarmee vaak ook extra handelingsmogelijkheden. Daarom hier de eerste van een serie blogs over complex-dynamische systemen en de rol daarvan in de pedagogiek. 

Systemen, systemen, systemen

Systemen en systeemdenken zullen voor de meeste pedagogen en jeugdwerkers wel bekend zijn. Bronfenbrenner gaf in 1979 met het Ecologisch systeemmodel al aan dat kinderen niet opgroeien in een vacuüm of laboratorium. In de werkelijkheid wordt hun ontwikkeling voortdurend beïnvloed door factoren uit hun directe en indirecte omgeving. Hij zag dit als een systeem met subsystemen. Het gezin en school (microsysteem), de relatie tussen school en gezin (mesosysteem), het werk van ouders (exosysteem), de politiek (exosysteem) en de cultuur (macrosysteem) waarin een kind opgroeit, allemaal zijn ze van invloed op de ontwikkeling.

Het systeemdenken van Bronfenbrenner komt niet uit de lucht vallen. In verschillende wetenschapsgebieden was er in die tijd interesse in systemen. Onderzoeken uit o.a. klimaatwetenschappen en ICT lieten zien dat systemen bijzondere eigenschappen gaan vertonen als ze complex genoeg zijn. Het systeem waarin kinderen opgroeien, het pedagogische systeem, is ook een complex systeem. Het zijn de bijzondere eigenschappen die de theorie van complex dynamische systemen voor de pedagogiek zo interessant maakt. 

Complex ≠ ingewikkeld

Voordat we ingaan op die bijzondere eigenschappen, moet duidelijk zijn dat complex niet hetzelfde is als ‘ingewikkeld’. We spreken van complex-dynamische systemen wanneer de elementen uit het systeem elkaar onderling en wederzijds beïnvloeden. In pedagogische systemen zijn de elementen de personen en systemen zoals Bronfenbrenner die definieert. (plaatje maken). En omdat er sprake is van onderlinge en wederzijdse beïnvloeding, zijn pedagogische systemen dus complex-dynamisch. Een kind wordt niet alleen beïnvloed door de ouders, maar het gedrag van het kind beïnvloedt immers ook het gedrag van ouders. En de zeurende buren beïnvloeden niet alleen het kind, maar ook de ouders, waardoor het effect van de buren mogelijk wordt versterkt. 

Het model van Bronfenbrenner moet dus een complex-dynamische versie krijgen, een “Versie 2.0”. Hierin staan niet alleen pijlen naar het centrale kind, maar ook pijlen tussen de verschillende elementen onderling. (plaatje)

Gedrag ontstaat vanzelf onder druk

Een van de eigenschappen die de theorie van complex-dynamische systemen voor pedagogen zo interessant maakt, is dat de elementen (en hun gedrag) op een gegeven moment niet of nauwelijks meer veranderen. Dit ondanks de continue wederzijdse beïnvloeding. Het systeem is dan in evenwicht.

Dat evenwicht is vaak robuust. Pogingen om het evenwicht (en dus het gedrag) te veranderen door een enkel element te veranderen, zijn vaak gedoemd te mislukken. Vaak zal het systeem de verandering absorberen, en dan weer in hetzelfde evenwicht komen en daarmee hetzelfde gedrag vertonen. Een onrustig kind in de drukke klas naar voren plaatsen levert soms even rust op. Maar na verloop van tijd is de klas net zo druk als voor de verplaatsing.

Het bijzondere is dat dat evenwicht, en de bijbehorende gedragingen van de elementen, niet van buitenaf wordt opgelegd. Het ontstaat vanzelf onder invloed van alle elementen uit het systeem. Dit wordt zelforganisatie genoemd. Welk evenwicht er ontstaat is niet of nauwelijks te voorspellen. Dat betekent ook dat het gedrag dat met dat evenwicht ontstaat, onvoorspelbaar is.

Dit betekent dat, zeker in complexe situaties, het gedrag van mensen dus vaak geen persoonlijke keuze is, gebaseerd op persoonlijke eigenschappen. Het gedrag is ontstaan door zelforganisatie van het hele systeem. Om dat  gedrag te veranderen is vaak meer nodig dan een enkele interventie. Daarom zie je bij ingewikkelde complexe pedagogische problemen dat er vaker “multi-level multi-content” interventies worden toegepast: verschillende soorten interventies op verschillende plaatsen in het systeem. Het grappige is dan wel dat de theorie van complex dynamische systemen zegt dat het waarschijnlijk niet zo heel veel uitmaakt welke interventies je pleegt, als je er maar een aantal pleegt op verschillende onderdelen van het probleem. Dan is de kans het grootst dat het systeem in een ander evenwicht komt en daarmee ander gedrag gaat vertonen.

Op de hoogte blijven?

Mis niks meer door je in te schrijven op onze nieuwsbrief.

logo

Deze website maakt gebruik van cookies. Door de site te blijven gebruiken, ga je akkoord met ons cookiebeleid. Meer informatie: Privacybeleid​