Systeemdiagrammen – algemeen

Meepraten?

Kom bij de facebookgroep voor pedagogen die niet bang zijn voor complexiteit!

Om een goede systeemdenker te zijn, is het nodig om op een andere manier naar de wereld om je heen te kunnen kijken. We moeten een bepaald systeem (soms is dat een probleem) zien in zijn geheel én in zijn delen. Maar we moeten vooral de onderlinge verbanden en beïnvloeding tussen de delen zien. Alleen dan hebben een kans op het systeem, en dan vooral het emergent gedrag van dat systeem, te sturen in een richting die we willen.

Complexe systemen hebben veel elementen en nog meer interactie tussen die elementen. Het is zo ingewikkeld dat professionals die met (of in) het systeem werken het zelden helemaal overzien. En verschillende professionals zien ook nog eens verschillende delen van het systeem. Het is dus lastig om samen te bepalen er nu aan de hand is. Om het eens te worden over hoe het systeem het (ongewenste) emergente gedrag veroorzaakt.

Doe maar eens een proefje. Vraag aan iemand vraag om het systeem waarin ze werken te beschrijven. Ze komen meestal met een lijst van elementen, zonder dat er veel aandacht besteed wordt aan hoe de elementen elkaar beïnvloeden. Een pedagoog zal het hebben over kinderen, hun broertjes en zusje en hun ouders, soms aangevuld met andere personen die een grote rol spelen in het dagelijks leven van het kind. Soms wordt ook school, vrienden en sportclubs meegenomen. En in een enkel geval wordt ook verdere elementen meegenomen zoals de wijk waarin het kind leeft en het (jeugd)beleid.

Welke elementen opgenoemd worden, is een beetje afhankelijk van de rol van de professional. Een politieagent zal sneller denken aan de wijk waarin een kind opgroeit en aan gemeentelijk beleid; een zorgmedewerker op school zal meer zien in schoolstructuren, leerkrachten en ouders; een opvoedondersteuner zal vooral kijken naar ouders en andere leden van het gezin.

Als je aan elk van deze professionals vraagt waar het fout gaat in het systeem, zullen ze vaak naar een van die elementen van hun lijstje wijzen. De agent zegt dat er te veel jongeren rondhangen in de wijk die een slechte invloed uitoefenen. En dat komt door te weinig blauw op straat wat het gevolg is van allerlei bezuinigingen. De zorgmedewerker zal zeggen dat er op school te weinig zorg is om een drukke leerling goed mee te laten komen en betere sociale vaardigheden te geven. En die zorg kan niet geleverd worden omdat iedereen het al zo druk heeft. De opvoedondersteuner zal zeggen dat de ouders niet goed om (kunnen) gaan met het drukke gedrag en hun kind onvoldoende kunnen begrenzen. En een psycholoog zegt dat het kind ADHD heeft, en dus altijd impulsief is.

Iedereen ziet dus maar een deel van het systeem. Dat is meestal het deel van het systeem dat de professional het meeste ziet en dat is ook het deel waarin hij is opgeleid. In zo’n geval is een gezamenlijke probleemdefinitie, en dus ook een gezamenlijke bijpassende oplossing, niet vanzelfsprekend. Als iedereen het eens is over hoe het in elkaar zit, een gedeeld beeld van de situatie/het probleem hebben, zal het zoeken naar oplossingen makkelijker maken.

bron: artikel Hans Vermaak

Omdat een systeem uit veel elementen en nog beïnvloedingsrelatie bestaat, is een beschrijving in de vorm van taal niet goed genoeg. Een verhaal over hoe een systeem in elkaar zit, wordt al heel snel onnavolgbaar. Wat wel werkt, is een plaatje, een visuele representatie van alle elementen en alle relaties. Als je zo’n plaatje met z’n allen maakt, krijgt iedereen inzicht in hoe het systeem op dit moment in elkaar zit. Door alle beïnvloedingsrelaties in kaart te brengen, zien ook de professionals uit een andere discipline hoe het werkt, en hoe het gedrag dat zij zien, wordt veroorzaakt (emergent gedrag). Pas als er een gedeelde visie op het probleem is, wordt het mogelijk om een gedeelde interventie te kiezen. De politieagent ziet hoe extra zorg op school ‘zijn’ wijk gaat verbeteren. 

In het Engels heten deze diagrammen ‘systemmaps’ maar wij houden het bij systeemdiagrammen.

Je ziet dat het maken van systeemdiagrammen steeds meer ‘een ding’ wordt. Ik heb een aantal Nederlandse voorbeelden voor je verzameld:

Maar ik kan weer geen voorbeeld vinden van een voorbeeld in de pedagogiek of social work. Misschien toch m’n workshop meer gaan promoten 😉?

(Als je er meer wilt vinden, laat Google dan zoeken op “system mapping”, “systeemdiagrammen maken” of “group model building”)

In de loop van de tijd zal ik verschillende tools bespreken, hun goede en slechte punten, inclusief voorbeelden en links naar gebruiksaanwijzingen.

Het maken van een systeemdiagram is dus, als het goed is, een groepsaangelegenheid. En alhoewel het in de brainstormingfase handig is om het op papier te doen (post-its o.i.d.), is het handig om het diagram op een gegeven moment wel te digitaliseren. Daarvoor zijn verschillende tools beschikbaar, vaak ook nog gratis. Sommige zijn heel simpel, andere hebben veel mogelijkheden en zijn daarom wat lastiger om snel te gebruiken. Sommige hebben meer nadruk op maken van het diagram, andere leggen de nadruk op het delen/vertellen van het diagram.

Er is al een serie van blogs (hier deel 1) over hoe je een diagram kan maken, onafhankelijk van de tool die je daarvoor gebruikt.

0 0 stemmen
Article Rating
Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Comments
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties

Wat zoek je?

Meer weten over hardnekkige pedagogische problemen?

Ik stuur je drie dagen lang, elke dag een podcast waarin ik je vertel wat hardnekkige pedagogische problemen zo bijzonder maakt en wat dat voor jou als professional betekent.

logo

Deze website maakt gebruik van cookies. Door de site te blijven gebruiken, ga je akkoord met ons cookiebeleid. Meer informatie: Privacybeleid​